Bericht van Koning Niels (2026)

Ik lieg als ik zou zeggen dat ik niet graag schutterskoning had willen worden. Als historicus ben ik nu eenmaal gevoelig voor historische sensaties: dat diepe gevoel van direct contact met het verleden dat ontstaat bij het aanraken van een eeuwenoude muur, het vasthouden van een antieke munt of het lezen van een vergeelde akte. Toen ik in 2017 aan de Hoogstedelaan kwam wonen en kennismaakte met de schutterij, kon ik dan ook niet wachten om ooit de befaamde koningsketting te dragen.

Op 30 augustus 2026 was het zover. Na een spannende wedstrijd, waarin de papegaai meermaals gevaarlijk om zijn bout draaide, viel na 239 schoten de eer aan mij: de koningsketting werd mij omgehangen. Cultuurhistoricus Johan Huizinga omschreef een historische sensatie als ‘kortstondig, uniek en onvergetelijk’. En dat was precies wat het was: een moment van pure ‘dronkenschap van het ogenblik’ — al zal de goed verzorgde bar daar ongetwijfeld ook een bijdrage aan hebben geleverd.

Na het omhangen van de koningsketting volgde de traditionele vaandelgroet. Het was een enorme eer om dit moment te mogen delen met mijn koningin-gemalin Sterre en mijn twee zoons Fern (‘Ja, papa blijft gewoon thuis wonen nu hij koning is’) en Jules.

Maar het koningschap is natuurlijk meer dan uiterlijk vertoon. Aan de titel zijn ook de nodige plichtplegingen verbonden. Ik kijk er naar uit om te ontdekken welke dat zijn. Voorlopig fantaseer ik gekscherend over het soort koning dat ik zou willen zijn. Zal ik regeren als absoluut vorst en de Rijn hernoemen? Of kies ik voor een bescheiden en dienstbaar koningschap? Want uiteindelijk ben ik slechts een schakel — of liever: een schildje — in een lange keten van illustere voorgangers. Een keten die ik nu een jaar lang met gepaste trots en plezier zal dragen.

Niels Frerichs